Prinsjesdag en de huursector

Prinsjesdag en de huursector

Prinsjesdag was de laatste kans voor dit Kabinet om problemen in de huursector op te lossen. De Wooncrisis raakt steeds meer mensen, en de economische crisis die volgt op de Coronacrisis versterkt dit nog eens.

Huurverlaging
Het belangrijkste nieuws was dat corporatiehuurders met een hoge huur en laag inkomen recht krijgen op huurverlaging. Het gaat om huurders met een huur boven de aftoppingsgrens en een inkomen onder de norm voor passend toewijzen geldend voor hun huishouden.
Corporaties krijgen hier zo’n 160 miljoen korting op de verhuurderheffing voor. Met de voorgestelde regeling krijgen naar verwachting ongeveer 260.000 huurders recht op huurverlaging.

Nieuwbouw
Woningcorporaties krijgen de opdracht om snel 150.000 nieuwe woningen te bouwen. Ook moet er meer middenhuur komen. Het gaat hier overigens over al eerder gemaakte afspraken, waarbij gemeenten en corporaties nu gaan kijken of ze dit versneld kunnen uitvoeren. Verder trekt het kabinet 75 miljoen euro uit om huizen te laten verduurzamen.

Door op doodlopende weg
Het kabinet gaat met deze begroting door op de doodlopende weg van het belasten van sociale huur. Terwijl de sociale woningvoorraad juist moet groeien. Ook moet er meer worden geïnvesteerd in betaalbaar huren en wordt er nu niets gedaan aan de onbetaalbare huren in de commerciële huursector.
Kortom het Kabinet mist vlak voor de verkiezingen de laatste kans.